home

Wat is Theosofie?

De naam Theosofie komt van het Griekse 'Theos' en 'Sophia' en betekent letterlijk Goddelijke Wijsheid. Andere benamingen zijn: Esoterische Wijsbegeerte, Chochmah, Prajñâpâramitâ, Gupta-Vidyâ. De Theosofie is zo oud als de mensheid kan denken. Het is de bron van alle grote religies en filosofieën op aarde. De Theosofie omvat de beginselen van de moraal en geeft aanwijzingen voor het menselijk denken en handelen. De moraliteit wordt verklaard door middel van een omvangrijk stelsel van leringen over de wetten in het Heelal en de structuur van mens en Universum. De leringen zijn niet gebaseerd op geloof maar op kennis. Theosofie is: zelfstandig denken en onderzoek naar waarheid. Verklaard wordt zowel het hoe (wetenschap), het waarom (filosofie), als het waartoe (religie) van het leven.

De Drie Grondstellingen van de Theosofie

De Theosofie kent drie grondprincipes. Ze vormen de basis van alle andere gedachten in de Theosofie.

  1. Een Alomtegenwoordig, Eeuwig, Grenzenloos en Onveranderlijk BEGINSEL, waarover alle bespiegeling onmogelijk is, aangezien het het menselijk bevattingsvermogen te boven gaat en door elke menselijke uitdrukking of vergelijking slechts kan worden verminkt. Eén absolute Werkelijkheid die voorafgaat aan alle gemanifesteerd, beperkt zijn.
  2. De Eeuwigheid van het Heelal in toto als een grenzenloos gebied; periodiek 'het veld van talloze zich manifesterende en verdwijnende Heelallen', die 'de zich manifesterende sterren' en de 'vonken der Eeuwigheid' worden genoemd.
  3. De fundamentele gelijkheid van alle Zielen met de Universele Over-Ziel, die zelf weer een aspect van de Onbekende Wortel is; en de verplichte pelgrimstocht voor elke Ziel - een vonk van eerstgenoemde - door de Kringloop van Incarnatie (of 'Noodzakelijkheid') in overeenstemming met Cyclische en Karmische wet, gedurende het gehele tijdperk.

Het uitgangspunt van de Theosofie

De Theosofie gaat dus niet uit van een hoogste God, die het Heelal uit het niets heeft geschapen en de mens zijn ziel verschaft. Evenmin biedt de Theosofie plaats aan de gedachte, dat het Heelal zich op mechanistische wijze heeft ontwikkeld uit oerstof, waarbij het leven het gevolg is van de processen in de stof en uiterlijke invloeden. Hiertegenover staat de grondgedachte van de Theosofie: Leven of bewustzijn is de oorzaak van de manifestatie. Deze grondgedachte vloeit voort uit het uitgangspunt, dat er één allesomvattend, eeuwig, grenzenloos en onveranderlijk BEGINSEL is. Over dat Beginsel is elke bespiegeling onmogelijk. Het gaat het menselijk bevattingsvermogen te boven en kan door elke menselijke uitdrukking of vergelijking slechts worden verminkt. Dit Levensbeginsel is de Oorzaakloze Oorzaak van al het gemanifesteerde beperkte zijn. Dit Beginsel is dus niet een God of een kracht.

De consequenties van de Theosofie in het eigen leven

De Theosofie wijst op de essentiële eenheid achter de grote verscheidenheid aan vormen en levensuitingen. Deze eenheid ligt aan de gehele Natuur ten grondslag. Daarom onderwijst de Theosofie de Universele Broederschap van alle wezens als een feit in de Natuur. Deze broederschapsgedachte is niet gebaseerd op sentiment, maar op de structuur van het Universum, waarin alles onlosmakelijk met al het andere is verbonden en met elkaar samenwerkt. Hierin ligt de verklaring van de beginselen van de moraal voor de praktijk van het leven. Deze betreffen naastenliefde, mededogen, samenwerking en broederschap zonder onderscheid van huidkleur, ras, nationaliteit, maatschappelijke positie of godsdienstige overtuiging. De Theosofie leert dat al wat leeft Universele Wetten volgt.